Bedankt dat u heeft gekozen voor een Lenovo® Yoga-product! Deze gebruikershandleiding bevat alle basisinformatie over uw Yoga Slim 7i Aura Edition (14″, 11), waaronder, maar niet beperkt tot, de functies, Aura Edition, specificaties, het besturingssysteem, de sneltoetsen op het toetsenbord, het energiebeheer, de firmware-instellingen en de veelgestelde vragen. Klik op de onderstaande knoppen om door deze handleiding te bladeren en te leren hoe u uw Yoga Slim 7i Aura Edition (14″, 11) kunt gebruiken.

Yoga Slim 7i
Aura Edition (14″, 11)

Overzicht

Leer uw pc van dichtbij kennen

Aura Edition

Ultieme creatieve ervaring

Veelgestelde vragen en hulp

Handige hulpmiddelen binnen handbereik

Probeer een van de volgende oplossingen om het probleem te verhelpen.

  • Koppel alle externe apparaten los, inclusief een USB-stick, externe harde schijf, printer, dockingstation en zelfs een muis en toetsenbord, omdat een defect extern apparaat kan verhinderen dat de pc opstart.
  • Probeer een andere compatibele voedingsadapter om uw pc aan te sluiten op een werkend stopcontact.
  • Gebruik het hulpprogramma Opstartherstel van Windows als u het Windows-logo nog steeds ziet.
    1. Start de pc op en wacht totdat het Windows-logo (of een ander logo) wordt weergegeven.
    2. Zodra het logo verschijnt, houdt u de aan/uit-knop ingedrukt totdat de pc wordt uitgeschakeld.
    3. Zet de pc weer aan en herhaal de vorige stap.
    4. Zet de pc weer aan. Windows zou het scherm Automatisch herstellen moeten weergeven.
    5. Selecteer Geavanceerde opties ➙ Opstartherstel.
  • Gebruik een herstelpunt dat op uw computer is opgeslagen of gebruik een herstelstation om Windows te herstellen.

Probeer een van de volgende oplossingen om het probleem te verhelpen.

  • Stel het stuurprogramma van de grafische kaart opnieuw in door te drukken op de toets met het Windows-logo + Ctrl + Shift + B.
  • Start de pc opnieuw op.
    1. Houd de aan/uit-knop ingedrukt totdat de pc volledig is uitgeschakeld.
    2. Wacht ongeveer 15 seconden.
    3. Druk op de aan/uit-knop om de pc op te starten.
  • Bepaal de hoofdoorzaak van het probleem nadat u uw pc opnieuw hebt opgestart.
    • Sta toe dat de gewenste muis de pc uit de slaapstand activeert.
      1. Typ device manager in het Windows-zoekvak en druk op enter.
      2. Selecteer de gewenste muis onder Muizen en andere aanwijsapparaten.
      3. Schakel onder Energiebeheer de optie Dit apparaat mag de computer activeren in.
      4. Selecteer OK.
    • Schakel snel opstarten uit, omdat dit conflicten kan veroorzaken met de slaap- of sluimerstand.
      1. Typ control panel in het zoekvak van Windows en druk op enter.
      2. Selecteer Hardware en geluiden ➙ Energiebeheer ➙ Het gedrag van de aan/uit-knoppen bepalen ➙ Instellingen wijzigen die momenteel niet beschikbaar zijn.
      3. Schakel Snel opstarten inschakelen (aanbevolen) uit.
      4. Selecteer Wijzigingen opslaan.
    • Schakel activeringstimers uit omdat deze kunnen leiden tot instabiliteit van het systeem of een zwart scherm.
      1. Typ control panel in het zoekvak van Windows en druk op enter.
      2. Selecteer Hardware en geluiden ➙ Energiebeheer ➙ Wijzigen wanneer de computer in slaapstand gaat ➙ Geavanceerde energie-instellingen wijzigen.
      3. Selecteer Slaapstand ➙ Activeringstimers toestaan.
      4. Schakel activeringstimers uit voor Op batterij en Aangesloten.
      5. Selecteer Toepassen ➙ OK.

Probeer een van de volgende oplossingen om het probleem te verhelpen.

  • Zorg ervoor dat de voedingsadapter stevig is aangesloten op zowel het stopcontact als uw pc.
  • Controleer of de voedingsadapter en de aansluiting niet beschadigd zijn. Steek de voedingsadapter in een ander stopcontact.
  • Zorg ervoor dat u een voedingsadapter met het juiste vermogen gebruikt. Voedingsadapters met een laag vermogen kunnen problemen met het opladen van de batterij veroorzaken.
  • Start de pc opnieuw op.
  • Herstel het vorige stuurprogramma voor de batterij.
    1. Typ device manager in het Windows-zoekvak en druk op enter.
    2. Selecteer Microsoft AC-adapter of Microsoft ACPI-Compliant Control Method Battery onder Batterijen.
    3. Selecteer het tabblad Stuurprogramma en selecteer Vorig stuurprogramma.
    4. Klik op Ja om de vorige versie van het stuurprogramma voor de batterij te herstellen en de pc opnieuw op te starten.
      Als de optie Vorig stuurprogramma niet beschikbaar is, heeft Windows geen eerder stuurprogramma dat kan worden hersteld. In dit geval kunt u proberen het batterijstuurprogramma bij te werken of te verwijderen via het tabblad Stuurprogramma.
  • Controleer de oplaadmodus van de batterij in Lenovo Vantage of Legion Space. In bepaalde modi stopt het opladen wanneer de batterij een bepaalde drempel bereikt om zo de gebruiksduur van de batterij te verlengen.
  • Werk het Setup Utility voor de firmware bij in Lenovo Vantage of Legion Space.

Probeer een van de volgende oplossingen om het probleem te verhelpen.

  • Gebruik uw pc niet bij hoge temperaturen of vrieskou, omdat extreme temperaturen de prestaties van de batterij beïnvloeden.
  • Koppel alle onnodige externe apparaten los.
  • Beperk achtergrondactiviteiten van apps die veel stroom verbruiken.
    1. Selecteer Instellingen ➙ Systeem ➙ Aan/uit en accu ➙ Accuverbruik.
    2. Onder Batterijverbruik per app ziet u de apps die veel stroom verbruiken. Beperk de achtergrondactiviteit van de gewenste app door Meer opties ➙ Achtergrondactiviteit beheren te selecteren.
    3. Onder Machtigingen voor achtergrond-app selecteert u Stroom geoptimaliseerd (aanbevolen) of Nooit om de achtergrondactiviteit van de app te beheren.
  • Schakel alle onnodige opstart-apps uit.
    1. Selecteer Instellingen ➙ Apps ➙ Opstarten.
    2. Schakel alle onnodige opstart-apps uit.
  • Pas de instellingen voor Aan/uit en accu aan.
    1. Selecteer Instellingen ➙ Systeem ➙ Aan/uit.
    2. Stel bij Time-outs voor scherm, slaapstand en sluimerstand ➙ Op batterij kortere time-outs in voor Mijn scherm uitschakelen na en Apparaat in slaapstand zetten na.
    3. Selecteer bij Energiemodus ➙ Op batterij de optie Beste energie-efficiëntie.
  • Verlaag de schermhelderheid met behulp van F5 (of fn + F5) of via Instellingen ➙ Systeem ➙ Beeldscherm ➙ Helderheid.
  • Gebruik fn + Spatiebalk of fn + pijl-omlaag om de toetsenbordverlichting te verlagen of uit te schakelen.

  1. Start de pc opnieuw op.
  2. Typ get help in het zoekvak van Windows en druk op enter.
  3. Typ troubleshoot BSOD error in het zoekvak van de app Hulp vragen.
  4. Volg de stapsgewijze instructies.

Probeer een van de volgende oplossingen om het probleem te verhelpen.

  • Stel het stuurprogramma van de grafische kaart opnieuw in door te drukken op de toets met het Windows-logo + Ctrl + Shift + B.
  • Start de pc opnieuw op.
  • Controleer of Taakbeheer flikkert door op Ctrl + Alt + Delete of Ctrl + Shift + Esc te drukken.
    • Als Taakbeheer ook flikkert, draait u het stuurprogramma voor het beeldscherm terug.
      1. Typ device manager in het Windows-zoekvak en druk op enter.
      2. Selecteer een beeldschermadapter onder Beeldschermadapters.
      3. Selecteer het tabblad Stuurprogramma en selecteer Vorig stuurprogramma.
      4. Selecteer Ja om het beeldschermstuurprogramma terug te zetten en uw pc opnieuw op te starten.
        Als de optie Vorig stuurprogramma niet beschikbaar is, heeft Windows geen eerder stuurprogramma dat kan worden hersteld. In dit geval kunt u proberen het stuurprogramma bij te werken of te verwijderen via het tabblad Stuurprogramma.
    • Als Taakbeheer niet flikkert, werkt u incompatibele apps bij of verwijdert u apps die waarschijnlijk de oorzaak van het probleem zijn.
      1. Zorg dat alle apps up-to-date zijn via de Microsoft Store of de website van de fabrikant.
      2. Controleer of het scherm flikkert in een specifieke app. Zo ja, verwijder dan de app.

Als u de helderheid van het beeldscherm niet kunt aanpassen, is mogelijk adaptieve helderheid ingeschakeld of is het stuurprogramma voor het beeldscherm verouderd. U kunt de volgende oplossingen proberen om het probleem te verhelpen:

  • Adaptieve helderheid uitschakelen:
    1. Ga naar Start ➙ Instellingen ➙ Systeem ➙ Beeldscherm.
    2. Schakel onder Helderheid de schakeloptie voor Helderheid automatisch aanpassen aan omgevingslicht uit.
    3. Stel onder Helderheid de optie Helderheid aanpassen op basis van inhoud in op Uit.
  • Het stuurprogramma voor het beeldscherm bijwerken:
    1. Typ Device Manager in het Windows-zoekvak en druk op enter.
    2. Selecteer het pijlpictogram > naast Beeldschermadapters om dit gedeelte uit te vouwen.
    3. Klik met de rechtermuisknop op de beeldschermadapter, selecteer Stuurprogramma bijwerken en volg de aanwijzingen op het scherm.

Probeer de volgende oplossingen om het probleem te onderzoeken en te verhelpen.

  • Start de computer opnieuw op.
  • Verwijder tijdelijke bestanden en maak meer schijfruimte vrij op uw computer. Ga voor meer informatie naar https://support.microsoft.com/disk_cleanup.
  • Verwijder onnodige programma's uit de lijst met opstartprogramma's:
    1. Open het menu Start en selecteer Instellingen ➙ Apps ➙ Opstarten.
    2. Schakel in het gedeelte Opstarten de schakelaar uit voor programma's die niet automatisch moeten worden opgestart wanneer u zich bij Windows aanmeldt.
  • Verwijder onnodige of ongebruikte software.
  • Scan op virussen en malware met de antivirussoftware die op uw computer is geïnstalleerd.
  • Werk het Windows-besturingssysteem bij.
    Download de nieuwste updates via Windows Update. Ga voor meer informatie naar https://support.microsoft.com/windows_update.
  • Herstel uw Windows-besturingssysteem.
    Afhankelijk van uw specifieke situatie kunt u uit verschillende herstelopties kiezen. Ga voor meer informatie naar https://support.microsoft.com/windows_recovery.
  • Repareer ontbrekende of beschadigde systeembestanden met behulp van het hulpprogramma System File Checker. Ga voor meer informatie naar https://support.microsoft.com/system_file_checker.

Probeer de volgende oplossingen om het probleem te onderzoeken en te verhelpen:

  • Controleer of uw camera niet is losgekoppeld of wordt afgedekt:
    • Als u een externe camera gebruikt, zorg er dan voor dat u deze op een werkende USB-aansluiting op uw computer hebt aangesloten.
    • Als u een ingebouwde camera gebruikt, zet u het cameraschuifje of de cameraschakelaar in de stand 'aan'.
  • Als u een ingebouwde camera gebruikt, is deze mogelijk uitgeschakeld. Ga naar het menu Start en selecteer Instellingen ➙ Bluetooth en apparaten ➙ Camera om de ingebouwde camera in te schakelen.
  • De apps die u gebruikt, hebben mogelijk geen toegang tot de camera. Toegang geven tot de camera:
    1. Open het menu Start en selecteer Instellingen ➙ Privacy en beveiliging ➙ Camera.
    2. Schakel de opties Cameratoegang en Apps toegang verlenen tot uw camera in.
  • De instellingen van de antivirussoftware kunnen de toegang tot de camera blokkeren. Ga naar de instellingen van de antivirussoftware en sta toegang toe.
  • Het stuurprogramma van de camera is mogelijk verouderd. Het camerastuurprogramma bijwerken:
    1. Typ Device Manager in het Windows-zoekvak en druk op Enter.
    2. Selecteer Apparaatbeheer in de lijst met resultaten. Het venster Apparaatbeheer wordt geopend.
    3. Selecteer het pijlpictogram > naast Camera om dit gedeelte uit te vouwen.
    4. Klik met de rechtermuisknop op de camera die u wilt bijwerken.
    5. Selecteer Stuurprogramma bijwerken en volg de aanwijzingen op het scherm.
  • Voer de automatische probleemoplosser voor de camera uit in de app Hulp vragen:
    1. Open het menu Start en selecteer Instellingen ➙ Privacy en beveiliging ➙ Camera.
    2. Blader helemaal omlaag. Selecteer Assistentie en volg de aanwijzingen op het scherm.

Als u audioproblemen ondervindt, zoals geen geluid of slecht werkend geluid, probeer dan de volgende oplossingen om het probleem te verhelpen:

  • Ga naar Start ➙ Instellingen ➙ Systeem ➙ Geluid om te controleren of de apparaten voor geluidsuitvoer of -invoer correct zijn geselecteerd en het volume goed is ingesteld.
  • Voer de probleemoplosser voor geluid uit:
    1. Ga naar Start ➙ Instellingen ➙ Systeem ➙ Geluid.
    2. Zoek Algemene geluidsproblemen oplossen onder Geavanceerd, selecteer Uitvoerapparaten of Invoerapparaten en volg de instructies op het scherm om het probleem op te lossen.

Ga voor meer oplossingen voor audioproblemen naar https://support.lenovo.com/solutions/ht501860.

  • Controleer of de instellingen voor de toetsenbordindeling correct zijn. Voer de volgende stappen uit:
    1. Ga naar Instellingen ➙ Tijd & taal ➙ Taal & regio.
    2. Klik onder Voorkeurstalen op de drie horizontale puntjes naast uw primaire taal en selecteer Taalopties.
    3. Controleer de toetsenbordindeling onder Geïnstalleerde toetsenborden en voeg het overeenkomstige toetsenbord toe als u niet het juiste toetsenbord gebruikt.
  • Soms typt het toetsenbord onjuiste tekens omdat u automatische correctie van spelfouten hebt ingeschakeld. U schakelt deze functie als volgt uit:
    1. Ga naar Instellingen ➙ Tijd en taal ➙ Typen.
    2. Selecteer de schakeloptie voor Spelfouten automatisch corrigeren om deze uit te schakelen.
  • Controleer of het toetsenbordstuurprogramma in goede staat verkeert. Voer de volgende stappen uit:
    1. Typ Device Manager in het Windows-zoekvak en druk op Enter.
    2. Selecteer Apparaatbeheer in de lijst met resultaten. Het venster Apparaatbeheer wordt geopend.
    3. Selecteer het pijlpictogram > naast Toetsenborden om dit gedeelte uit te vouwen.
    4. Dubbelklik op het toetsenbord dat niet werkt en controleer de status.
    5. Als het toetsenbord niet goed werkt, selecteert u het tabblad Stuurprogramma bovenaan en selecteert u Apparaat verwijderen om het apparaat te verwijderen.
    6. Gebruik Windows Update om automatisch het nieuwste stuurprogramma te installeren.

Als uw touchpad niet reageert, hebt u deze mogelijk uitgeschakeld of is het stuurprogramma van de touchpad verouderd of defect. U kunt de volgende oplossingen proberen om het probleem te verhelpen.

  • De touchpad inschakelen:
    1. Ga naar Start ➙ Instellingen ➙ Bluetooth en apparaten ➙ Touchpad.
    2. Schakel de schakeloptie Touchpad uit.
      U kunt ook op de touchpadsneltoets pictogram van touchpadsneltoets drukken of op de toetsencombinatie fn + M om de touchpad in of uit te schakelen.
  • Het stuurprogramma van de touchpad bijwerken:
    1. Typ Device Manager in het Windows-zoekvak en druk op enter.
    2. Selecteer het pijlpictogram > naast Human Interface-apparaten om dit gedeelte uit te vouwen.
    3. Klik met de rechtermuisknop op de touchpad, selecteer Stuurprogramma bijwerken en volg de instructies op het scherm.
  • Als er een probleem met de touchpad optreedt na een recente stuurprogramma-update, volgt u de onderstaande instructies om het vorige geïnstalleerde stuurprogramma te herstellen:
    1. Typ Device Manager in het Windows-zoekvak en druk op enter.
    2. Selecteer het pijlpictogram > naast Human Interface-apparaten om dit gedeelte uit te vouwen.
    3. Klik met de rechtermuisknop op de touchpad en selecteer Eigenschappen.
    4. Selecteer Vorig stuurprogramma onder Stuurprogramma en volg de aanwijzingen op het scherm.
  • Als uw touchpad niet zo snel of nauwkeurig reageert als u verwacht, kunt u de volgende oplossingen proberen.

    • Zorg ervoor dat het oppervlak van de touchpad schoon, droog en vrij van vuil of olie is. Maak het voorzichtig schoon met een zachte, pluisvrije doek.
    • Koppel alle externe muizen, toetsenborden of andere USB-apparaten los. Een defect randapparaat kan soms cursorvertraging veroorzaken.
    • Ga naar Start ➙ Instellingen ➙ Bluetooth en apparaten ➙ Touchpad en pas de cursorsnelheid aan.
    • Het stuurprogramma van de touchpad bijwerken:
      1. Typ Device Manager in het Windows-zoekvak en druk op enter.
      2. Selecteer het pijlpictogram > naast Human Interface-apparaten om dit gedeelte uit te vouwen.
      3. Klik met de rechtermuisknop op HID-compatibel touchpad, selecteer Stuurprogramma bijwerken en volg de instructies op het scherm.

    Als uw ventilator ongewoon geluid maakt, kunt u de volgende oplossingen proberen.

    • Beëindig toepassingen of processen die veel stroom verbruiken, maar niet in gebruik zijn om zo het ventilatorgeluid te verminderen.
      1. Typ Task Manager in het Windows-zoekvak en druk op enter.
      2. Beëindig toepassingen of processen die veel stroom verbruiken, maar die niet in gebruik zijn.
    • Stel de werkstand van uw computer in via de vooraf geïnstalleerde app Lenovo Vantage, Lenovo PC Manager, Lenovo Baiying of Legion Space. Als snelle methode kunt u ook de toetsencombinatie fn + Q gebruiken. Voor meer informatie raadpleegt u 'Werkstanden van het systeem' in deze Gebruikershandleiding.
    • Het besturingssysteem of stuurprogramma's bijwerken naar de nieuwste versie.

    Als u geen toegang hebt tot e-mail, niet op internet kunt surfen of geen muziek kunt streamen, bent u waarschijnlijk niet verbonden met het netwerk en hebt u geen toegang tot internet. U kunt de volgende oplossingen proberen om het probleem te verhelpen.

    • Controleer de status van de netwerkverbinding:
      1. Selecteer het gedeelte met snelle instellingen pictogram Netwerk, Geluid of Batterij rechts op de taakbalk.
      2. Controleer of Wi-Fi is ingeschakeld.
      3. Controleer of Verbonden wordt weergegeven onder de naam van het netwerk. Als er een andere status dan Verbonden wordt weergegeven, selecteert u een Wi-Fi-netwerk dat u herkent in de lijst met beschikbare netwerken. Klik vervolgens op het netwerk en probeer verbinding te maken.
    • Controleer de vliegtuigstand:
      1. Selecteer Start ➙ Instellingen ➙ Netwerk en internet ➙ Vliegtuigstand.
      2. Zorg ervoor dat Vliegtuigstand is uitgeschakeld.
    • Voer een automatische diagnose uit:
      1. Klik met de rechtermuisknop pp het netwerkpictogram Netwerkpictogram rechts van de takenbalk.
      2. Selecteer Netwerkproblemen vaststellen en volg de aanwijzingen op het scherm.
    • Het Wi-Fi-netwerk vergeten en opnieuw verbinding maken:
      1. Selecteer Start ➙ Instellingen ➙ Netwerk en internet ➙ Wi-Fi ➙ Bekende netwerken beheren.
      2. Selecteer uw Wi-Fi-netwerk en selecteer daarna Vergeten.
      3. Maak opnieuw verbinding met het netwerk door het te selecteren en het wachtwoord in te voeren.
    • Start uw modem en draadloze router opnieuw op.

    Als u geen verbinding kunt maken met Bluetooth, probeert u de volgende oplossingen een voor een:

    • Controleer of Bluetooth wordt ondersteund en is ingeschakeld op zowel uw computer als uw Bluetooth-apparaat. Voer de volgende stappen uit om Bluetooth op uw computer in te schakelen:
      1. Selecteer het gedeelte met snelle instellingen pictogram Netwerk, Geluid of Batterij rechts op de taakbalk.
      2. Controleer bij de snelle instellingen voor Bluetooth of Bluetooth is ingeschakeld. Selecteer anders het Bluetooth-pictogram om dit in te schakelen.
    • Start het Bluetooth-apparaat opnieuw op.
    • Controleer of het Bluetooth-apparaat is opgeladen of voldoende stroom heeft.
    • Zorg ervoor dat uw Bluetooth-apparaat zich binnen de vereiste afstand voor de Bluetooth-verbinding van uw computer bevindt.
    • Controleer of uw computer niet in de vliegtuigstand staat. Voer de volgende stappen uit:
      1. Selecteer het gedeelte met snelle instellingen pictogram Netwerk, Geluid of Batterij rechts op de taakbalk.
      2. Zorg ervoor dat de vliegtuigstand is uitgeschakeld onder de snelle instelling voor de vliegtuigstand. Selecteer anders het pictogram Vliegtuigstand om deze uit te schakelen.
    • Zorg ervoor dat uw Bluetooth-apparaat niet te dicht staat bij andere USB-apparaten die op uw computer zijn aangesloten. Niet-afgeschermde USB-apparaten kunnen de Bluetooth-verbinding verstoren.
    • Verwijder uw Bluetooth-apparaat en voeg het opnieuw toe:
      1. Ga naar Start ➙ Instellingen ➙ Bluetooth en apparaten ➙ Apparaten.
      2. Selecteer Meer opties bij het Bluetooth-apparaat waarmee u problemen ondervindt.
      3. Selecteer Apparaat verwijderen om het Bluetooth-apparaat te verwijderen.
      4. Selecteer het gedeelte met snelle instellingen pictogram Netwerk, Geluid of Batterij rechts op de taakbalk.
        Zorg ervoor dat Bluetooth op uw computer en op het Bluetooth-apparaat is ingeschakeld. Zorg ervoor dat het apparaat kan worden herkend.
      5. Selecteer Bluetooth-apparaten beheren (>) bij de snelle instellingen voor Bluetooth om dit gedeelte uit te vouwen.
      6. Selecteer het apparaat wanneer dit wordt weergegeven in de lijst Nieuwe apparaten en volg de aanwijzingen op het scherm.
    • Voer de probleemoplosser voor Bluetooth uit:
      1. Selecteer Start ➙ Instellingen ➙ Systeem ➙ Problemen oplossen ➙ Andere probleemoplossers.
      2. Zoek het gedeelte Bluetooth, selecteer Uitvoeren en volg de aanwijzingen op het scherm.
    • Verwijder het stuurprogramma van de Bluetooth-adapter. Windows installeert automatisch het nieuwste stuurprogramma.
      1. Typ Device Manager in het Windows-zoekvak.
      2. Selecteer Apparaatbeheer in de lijst met resultaten. Het venster Apparaatbeheer wordt geopend.
      3. Selecteer het pijlpictogram > naast Bluetooth om dit gedeelte uit te vouwen.
      4. Klik met de rechtermuisknop op het Bluetooth-apparaat waarmee u problemen ondervindt en selecteer Apparaat verwijderen.
      5. Bevestig in het venster Apparaat verwijderen dat u dit apparaat van uw systeem wilt verwijderen en selecteer Verwijderen.
      6. Start uw computer opnieuw op nadat het stuurprogramma is verwijderd. Windows installeert automatisch het nieuwste stuurprogramma.
      7. Als Windows het stuurprogramma niet automatisch opnieuw installeert, opent u Apparaatbeheer en selecteert u Zoeken naar gewijzigde apparaten op de werkbalk (het pictogram van het vergrootglas).

    Als u het wachtwoord van uw Windows-account bent vergeten, kunt u de volgende oplossingen proberen.

    • Als u zich aanmeldt bij Windows met een e-mailadres, hebt u een Microsoft-account. U kunt uw wachtwoord online opnieuw instellen:
      1. Ga op een ander apparaat naar de Microsoft-pagina waar u uw wachtwoord opnieuw kunt instellen.
      2. Voer uw Microsoft-e-mailadres in en volg de instructies op het scherm.
      3. U wordt gevraagd uw identiteit te verifiëren met een beveiligingscode die naar uw alternatieve e-mailadres of telefoonnummer wordt verzonden.
      4. Nadat het wachtwoord opnieuw is ingesteld, kunt u uw nieuwe wachtwoord gebruiken om u aan te melden op uw laptop.
        Dit werkt alleen als uw laptop een internetverbinding heeft.
    • Als u zich aanmeldt met een gebruikersnaam die geen e-mailadres gebruikt, hebt u een lokaal account. Voer de volgende stappen uit om uw wachtwoord opnieuw in te stellen:
      1. Een wachtwoordhint gebruiken:

        Selecteer Aanmeldingsopties op het aanmeldscherm van Windows en voer uw wachtwoord in. Als u een wachtwoordhint ziet onder het wachtwoordveld, kan dit u mogelijk helpen om uw wachtwoord te onthouden.

        Deze functie is alleen beschikbaar als u de hint van tevoren instelt. U ziet de optie om een wachtwoordhint in te stellen wanneer u een lokaal accountwachtwoord maakt.
      2. Een eerder gemaakte schijf voor wachtwoordherstel gebruiken:

        Als u een schijf voor wachtwoordherstel hebt gemaakt, kunt u deze aansluiten op een USB-compatibele aansluiting op uw computer en vervolgens de instructies op het scherm volgen om uw wachtwoord opnieuw in te stellen.

    Houd de aan/uit-knop ingedrukt totdat de computer is uitgeschakeld. Start de computer vervolgens opnieuw op.

    1. Koppel de netvoedingsadapter voorzichtig los en schakel de computer onmiddellijk uit. Hoe sneller de stroomtoevoer naar de computer wordt onderbroken, des te kleiner de kans op kortsluitingen met de daaruit resulterende schade.
      Hoewel u door onmiddellijk uitschakelen van de computer gegevens kunt verliezen, kan het niet uitschakelen van de computer uiteindelijk onherstelbare schade aan de computer zelf aanrichten.
    2. Wacht totdat alle vloeistof is verdampt voordat u de computer weer aanzet.

      Probeer de vloeistof niet weg te laten lopen door de computer ondersteboven te houden. Als uw computer is uitgerust met afvoergaten aan de onderkant van het toetsenbord, wordt de vloeistof afgevoerd via de gaten.

    Mogelijk is Flip to Start op uw computer ingeschakeld. Veel Lenovo-notebookcomputers bevatten een sensor die kan detecteren met welke hoek de beeldschermklep wordt geopend. Als u de beeldschermklep opent, kan de sensor dit detecteren. Als Flip to Start is ingeschakeld, reageert de computer door automatisch op te starten.

    Als u deze functie niet prettig vindt, kunt u deze uitschakelen. Flip to Start kan worden in- en uitgeschakeld in:

    • Lenovo Vantage, Lenovo PC Manager of Lenovo Smart Engine
    • Firmware Setup Utility

    U kunt het menu van de Novo-knop openen, opstartapparaat selecteren en een apparaat kiezen om uw pc op te starten.

    Selecteer taal
    Ga naar boven